Schijnzelfstandigheid: hoe kunnen opdrachtgevers risico’s beter beoordelen?

Veel opdrachtgevers worstelen momenteel met dezelfde vraag: hoe kun je zzp’ers blijven inhuren zonder onnodige risico’s te lopen op schijnzelfstandigheid?

Sinds de handhaving op de Wet DBA weer nadrukkelijker onder de aandacht staat, hebben veel organisaties hun beleid rondom zelfstandigen aangescherpt. In sommige gevallen worden zzp’ers niet meer ingehuurd of worden bestaande samenwerkingen beëindigd uit voorzorg.

Toch blijkt uit de praktijk dat de beoordeling van een arbeidsrelatie vaak complexer is dan op het eerste gezicht lijkt.

Wanneer is sprake van schijnzelfstandigheid?

Er bestaat geen eenvoudige checklist waarmee direct kan worden vastgesteld of iemand ondernemer is of feitelijk als werknemer moet worden beschouwd.

Bij de beoordeling wordt gekeken naar het totaalbeeld van de arbeidsrelatie. Daarbij kunnen onder andere de volgende factoren een rol spelen:

  • De mate van zelfstandigheid bij de uitvoering van het werk.
  • De vrijheid om werktijden zelf in te delen.
  • Het aantal opdrachtgevers.
  • De wijze waarop opdrachten worden verkregen.
  • Investeringen in de onderneming.
  • Het lopen van ondernemersrisico.
  • De mogelijkheid om zich te laten vervangen.
  • De positie van de ondernemer op de markt.

Geen enkele factor is op zichzelf doorslaggevend. Juist de combinatie van omstandigheden bepaalt uiteindelijk hoe een arbeidsrelatie wordt beoordeeld.

Waarom zijn opdrachtgevers terughoudender geworden?

Veel organisaties zijn onzeker over de gevolgen van een verkeerde kwalificatie van een arbeidsrelatie.

Wanneer achteraf wordt geoordeeld dat feitelijk sprake was van een dienstverband, kan dit financiële en administratieve gevolgen hebben. Daardoor kiezen sommige opdrachtgevers ervoor om minder of zelfs helemaal geen zzp’ers meer in te huren.

Tegelijkertijd leidt deze voorzichtigheid regelmatig tot knelpunten. In sectoren zoals de zorg, bouw, techniek, ICT en het onderwijs blijft de vraag naar zelfstandige professionals groot.

Meer aandacht voor ondernemerschap

In recente discussies over schijnzelfstandigheid wordt steeds vaker gekeken naar kenmerken van ondernemerschap.

Vragen die daarbij een rol kunnen spelen zijn bijvoorbeeld:

  • Heeft de zelfstandige meerdere opdrachtgevers?
  • Worden actief nieuwe klanten geworven?
  • Wordt geïnvesteerd in de onderneming?
  • Is sprake van financieel ondernemersrisico?
  • Zijn er voorzieningen getroffen voor arbeidsongeschiktheid of pensioen?

Deze aspecten kunnen bijdragen aan het beeld dat iemand daadwerkelijk als ondernemer opereert.

Het belang van een goede dossieropbouw

Voor opdrachtgevers wordt het steeds belangrijker om zorgvuldig vast te leggen waarom ervoor is gekozen om met een zelfstandige samen te werken.

Een goed dossier kan bijvoorbeeld bestaan uit:

  • Opdrachtovereenkomsten.
  • Correspondentie over de samenwerking.
  • Informatie over de onderneming van de zzp’er.
  • Documentatie waaruit blijkt dat de zelfstandige ondernemersactiviteiten verricht.
  • Periodieke evaluaties van de arbeidsrelatie.

Hiermee ontstaat een beter onderbouwd beeld van de samenwerking.

Onafhankelijke beoordeling als hulpmiddel

Sommige opdrachtgevers kiezen ervoor om aanvullende zekerheid te verkrijgen door gebruik te maken van een onafhankelijke beoordeling van de ondernemerspositie van een zzp’er.

Een dergelijke beoordeling kan inzicht geven in verschillende kenmerken van ondernemerschap en kan dienen als aanvullende documentatie binnen het dossier van de opdrachtgever.

Hoewel een dergelijke beoordeling nooit een garantie biedt voor toekomstige fiscale beoordelingen, kan zij wel bijdragen aan een beter onderbouwde risicoanalyse.

Conclusie

De discussie rondom schijnzelfstandigheid zorgt ervoor dat veel opdrachtgevers kritisch kijken naar hun samenwerkingen met zzp’ers. Tegelijkertijd blijkt in de praktijk dat iedere situatie afzonderlijk moet worden beoordeeld en dat algemene aannames vaak onvoldoende zijn.

Een zorgvuldige beoordeling van de arbeidsrelatie, aandacht voor ondernemerschap en een goede dossieropbouw kunnen opdrachtgevers helpen om beter inzicht te krijgen in mogelijke risico’s en aandachtspunten.